Nieuw rapport: honderden beleggers zetten stappen richting mondiale natuur- en biodiversiteitsdoelen

In aanloop naar de VN-biodiversiteitsconferentie COP17 is vandaag tijdens PRI in Person 2026 een nieuw rapport gepubliceerd. Het brengt in kaart hoe ruim 800 institutionele beleggers wereldwijd omgaan met natuur- en biodiversiteitsverlies. Ook laat het zien welk beleid nodig is om verdere actie van beleggers mogelijk te maken.

Het rapport Closing the Gaps in the Global Biodiversity Framework Implementation: Investor Actions and Policy Recommendations laat onder meer het volgende zien:

Beleggers spelen een belangrijke rol bij het behalen van wereldwijde biodiversiteitsdoelen. Het toenemende verlies van natuur en biodiversiteit vormt een materieel en systemisch financieel risico. Het beheersen van financieel relevante natuurgerelateerde risico’s valt binnen de fiduciaire verantwoordelijkheid van beleggers.

Beleggers komen steeds meer in actie. Ze brengen natuurgerelateerde risico’s in kaart, rapporteren daarover en nemen biodiversiteit op in hun beleggingsbeleid. Ook gaan zij in gesprek met bedrijven waarin zij beleggen en pleiten zij voor beleidsverandering. Meer dan 400 institutionele beleggers, samen goed voor 60 biljoen dollar aan beheerd vermogen, hebben via verschillende initiatieven ruim 300 bedrijven aangesproken op natuurgerelateerde risico’s. Meer dan 160 beleggers hebben gepleit voor beleid dat verdere actie mogelijk maakt, waaronder de Europese ontbossingsverordening (EUDR).

Vrijwillige maatregelen alleen zijn niet genoeg. Lacunes in beleid beperken de mogelijkheden van de private sector om bij te dragen aan de wereldwijde biodiversiteitsdoelen. Ook boeken bedrijven niet snel genoeg vooruitgang. Een gebrek aan vergelijkbare rapportagegegevens, samenhangend beleid en passende economische prikkels vormt de belangrijkste belemmering.

Aanvullend beleid is nodig om meer actie van beleggers mogelijk te maken. Beleggers hebben behoefte aan betrouwbare nationale biodiversiteitsstrategieën en actieplannen, duidelijke en samenhangende regelgeving en vergelijkbare rapportagegegevens. Ook zijn publieke financiering en subsidies nodig die natuurvriendelijke activiteiten belonen in plaats van benadelen. Structureel overleg tussen overheden en beleggers kan bovendien bijdragen aan beter beleid.

“Meer financiële middelen zijn essentieel om financiële risico’s door natuurverlies te beperken. Tegelijkertijd is meer kapitaal nodig om het verlies aan biodiversiteit uiterlijk in 2030 te stoppen en om te keren en economische en maatschappelijke welvaart te ondersteunen,” zegt Karen Mo, director of nature research and partnerships, food and forests bij Ceres en hoofdauteur van het rapport. “Met dit rapport willen we laten zien hoeveel beleggers al doen om bij te dragen aan de wereldwijde biodiversiteitsdoelen. Ook geeft het beleidsmakers belangrijke inzichten in wat nodig is om die inzet te versnellen.”

Het rapport beschrijft verschillende manieren waarop beleggers natuurgerelateerde financiële risico’s meenemen in hun strategie en beleggingen. Uit de onderzochte initiatieven blijkt dat meer dan 680 institutionele beleggers ten minste één van deze instrumenten inzetten. Het gaat onder meer om het gericht inzetten van kapitaal, steun voor passend overheidsbeleid en de dialoog met bedrijven in hun beleggingsportefeuille.

Het rapport is opgesteld door Ceres in samenwerking met Asia Investor Group on Climate Change (AIGCC), FAIRR Initiative, Finance for Biodiversity Foundation, Investor Policy Dialogue on Deforestation (IPDD), de Spring Initiative van Principles for Responsible Investment (PRI), Rainforest Foundation Norway en World Benchmarking Alliance.

Reacties van betrokken organisaties

Abigail Herron, executive director van FAIRR Initiative: “Voedsel en landbouw staan centraal in zowel de biodiversiteitscrisis als de oplossing ervan. Beleggers zien hoe belangrijk gezonde ecosystemen zijn voor bedrijven. Maar alleen met actie van beleggers bereiken we niet de schaal die nodig is. COP17 biedt overheden een belangrijke kans om meer geld richting de biodiversiteitsdoelen te sturen. Daarvoor moeten zij bestaande prikkels en subsidies hervormen om verder natuurverlies tegen te gaan.”

Anita de Horde, medeoprichter en executive director van de Finance for Biodiversity Foundation: “Financiële stromen in lijn brengen met natuur vraagt om meer dan keuzes over waar kapitaal wordt geïnvesteerd. Dit rapport laat zien dat beleggers zich sterk mobiliseren en steeds meer doen tegen natuurgerelateerde risico’s en effecten. Tijdens COP17 kunnen overheden die ontwikkeling versnellen. Dat kan met het prioriteren van beleid en regelgeving die de rapportage van bedrijven over biodiversiteit verbeteren. Financiële instellingen moeten bovendien beter in staat worden gesteld om via hun beleggingen en financiering negatieve gevolgen voor de natuur terug te dringen.”

Tim Steinweg, head of stewardship and nature bij PRI: “Ruim 800 partijen uit de beleggingswereld erkennen dat natuurverlies een materieel financieel risico vormt. Zij komen in actie om dit verlies te stoppen en om te keren, in lijn met hun mandaat en fiduciaire verantwoordelijkheid. Stewardship is daarbij een belangrijk instrument voor beleggers. De gegevens in dit rapport onderstrepen het belang van gezamenlijke initiatieven en een betekenisvolle dialoog met bedrijven. Tegelijkertijd dreigen tekortkomingen in de uitvoering van de COP17-doelstellingen de impact van beleggers te beperken. Dit rapport doet concrete aanbevelingen om die tekortkomingen aan te pakken.”

Lauren Muusse, finance engagement lead bij de World Benchmarking Alliance: “De kracht van dit gezamenlijke rapport zit niet alleen in de conclusies, maar ook in de inzichten van de organisaties die eraan hebben bijgedragen. Als zoveel partijen binnen de beleggingssector zich achter dezelfde koers voor natuurbeleid scharen, geeft dat een duidelijk signaal aan overheden en toezichthouders. Dit is het moment om werk te maken van de uitvoering van het mondiale biodiversiteitskader.”